De Week van de Official is het ideale moment om de mensen achter de wedstrijden eens extra in de schijnwerpers te zetten.

We spraken met Niels Pekaar, scheidsrechter in de Topleague en sinds kort ook internationaal actief.
Van Kapelle naar Kapellen
Niels is 33 jaar, geboren in Bergen op Zoom en opgegroeid in het Zeeuwse dorpje Kapelle. "Het leven hangt van toevalligheden aan elkaar," lacht hij. "Ik floot al een paar jaar in Nederland, op clubniveau. Maar toen kwam corona in 2020 en lag de volledige competitie in Nederland stil. In België liep de competitie door, met alle beperkingen. Toen ben ik benaderd om in België te komen fluiten."
Zo rolde Niels vanzelf in het Belgische scheidsrechterschap. "Ik woon inmiddels in het Belgische Kapellen, mijn vrouw is Belgisch, mijn kinderen zijn Belgisch. Ik voel me 100% Belg. Alleen dat Nederlandse accent raak ik niet kwijt," lacht hij.
Niels heeft 26 jaar zelf gekorfbald bij Tjoba in 's-Heerhendrikskinderen. "Ik ben moeten stoppen door fysieke klachten, maar ik wou graag betrokken blijven bij de sport. Toen ben ik gaan fluiten."
De bagage van een speler
Volgens Niels is zijn ervaring als speler een groot voordeel. "De bagage als speler neem je zeker mee als scheidsrechter. Je kan spelers vaak begrijpen, bepaalde emoties plaatsen. Je kan de echte emotie en de nep-emotie van elkaar scheiden. Ik was vroeger zelf een verschrikking voor scheidsrechters," geeft hij toe. "Je weet wat ze zeggen over boswachters? Boswachters zijn de beste stropers."
Wat maakt een goede scheidsrechter?
Op de vraag wat een goede scheidsrechter maakt, is Niels duidelijk: "Lezen en het aanvoelen van de wedstrijd, dat is het allerbelangrijkste. We kunnen allemaal de spelregels in ons kop stampen, maar je moet het uiteindelijk op het veld kunnen managen."
Niels benadrukt dat de sport altijd moet primeren. "De sport primeert niet bij een wedstrijd die continu stil ligt met 60 vrije ballen en penalties. Wie zijn wij om een wedstrijd kapot te fluiten als beide ploegen het van elkaar accepteren?"
"Het is niet zozeer heel strikt die regels volgen, maar zorgen dat de wedstrijd eerlijk verloopt. Je kan een wedstrijd helemaal kapot fluiten als je wil, maar je kan ook het korfbal laten primeren als beide ploegen dat toelaten. Wij proberen dat te doen, samen met Tom, mijn vaste partner."
"Je leert dat naarmate je meer fluit," zegt Niels. "Je eerste wedstrijd fluit je puur op basis van het regelboek, heel strikt. Maar naarmate je ervaring opdoet, durf je ook wel eens iets meer toe te laten. Iets meer het spel te laten zijn."
Hij fluit nu vier jaar samen met Tom. Daarvoor floot hij met Jens Mertens en Steve De Jonghe. "Het is belangrijk dat je als duo hetzelfde denkt over het spelletje." Tom Vlaminckx en Niels Pekaar werden in hun eerste jaar als duo (2022-2023) dan ook meteen verkozen tot het beste scheidsrechtersduo.
Tom Vlaminckx (links) en Niels Pekaar (rechts) in overleg tijdens de veldfinale 2026 tussen Boeckenberg en Voorwaarts.
Motivatie en vrijheid
Wat Niels drijft? "Het voordeel is dat ik gestopt ben met actief spelen, maar nog wel kan acteren op topniveau. Dat geeft veel voldoening. En ik blijf betrokken bij de sport."
Daarnaast biedt fluiten hem meer vrijheid dan spelen. "Als speler was ik drie dagen per week van huis. Als scheidsrechter moet je de regels kennen, maar je bent niet verplicht aan vaste trainingen. Fit blijven is natuurlijk belangrijk, maar niemand bepaalt of ik dat op maandag- of woensdagavond doe."
"Weet je, dat moeten toekomstige scheidsrechters of huidige scheidsrechters in hun oren knopen: 99% van de mensen ziet jou graag komen en ziet jou graag fluiten. En die weten ook wel dat wij geen robots of machines zijn, dus wij zullen ook weleens een foutje maken. Maar die ene procent die je hoort, moet je laten zoals het is. Je moet daar boven staan."
Hij heeft ook een tip voor (ex-)spelers die overwegen om te stoppen en scheidsrechter te worden. "Als je redelijk vroeg stopt en je wil betrokken blijven bij de sport, dan is scheidsrechter een heel mooie optie. Je moet jezelf op de hoogte houden van de regels, maar je krijgt veel meer vrijheid terug dan je als speler ooit gehad hebt."
Een avontuur in Marokko
Onlangs mocht Niels voor het eerst internationaal fluiten, op het IKF All-Africa Korfball Championship North 2026 in Nador, Marokko.
"Het was een avontuur! Laat ik het daarop houden. Ik had een kleine cultuurshock, het is een totaal andere wereld. Maar het zijn vriendelijke mensen, en het is allemaal goed gekomen."
"Het was ook een beetje een raar toernooi, want er waren maar twee teams. Veel landen hadden afgezegd. Het werd dus een driekamp met Marokko en Ivoorkust. Marokko heeft gewonnen en plaatst zich zo voor het WK in 2027."
Een bijzonder detail: "In Marokko kennen ze de tijd niet zoals wij. Ze spreken af van 's ochtends of 's middags, en dan is het maar de vraag of er iemand komt om half twee, half drie of vier uur. Op een gegeven moment was de persoon die de schotklok bediende gewoon weg. Die was in de rust even naar huis gegaan om te eten."
Zou Niels het opnieuw doen? "Ja, dat zou ik zeker weer doen. Maar het moet passen binnen mijn gezinsleven. Ik heb twee kleine kindjes thuis. Soms kan ik wel, soms niet."
Naast het korfbal
Buiten het korfbal is Niels Country Sales Manager Belgium voor Damixa. "Ik sta helaas veel stil op de ring van Antwerpen," lacht hij. Hij is vader van Loua (4) en Jarre (bijna 2). Loua korfbalt zelf bij ASKC U7. "Ze heeft het talent van haar moeder." Hij houdt zich fit door veel te fietsen op de racefiets. "Nu weet je ook wat van mijn privé," knipoogt hij.